PIEKERTIPS!

Last van stress, piekeren of zenuwen voor een presentatie? Laat het los, luidt steevast het advies. Makkelijker gezegd dan gedaan. Coach Carien Karsten legt uit hoe zij haar eigen werkstress voor haar vakantie kan loslaten.

Hoe vaak zeg ik het niet tegen een cliënt? ‘Als je het niet kunt beïnvloeden, laat het dan los.’ Nu moet ik het zelf de spanning uit mijn lijf zien te krijgen voor ik met vakantie ga. Ik heb nog een deadline voor een artikel, moet nog presentaties voorbereiden voor vlak na de vakantie, waaronder een in het Engels. Dan is me nog gevraagd een offerte te schrijven. Ben ik niet aan toegekomen. En ik had nog voor de vrouw van een cliënt een adres moeten opzoeken van een therapeut. Ook niet aan toegekomen. Al die dingen. Hoe laat ik het los?

In het Werkboek Uit je burn-out heb ik een oefening opgenomen die je van het piekeren afhelpt. Je schrijft je piekergedachte op, noteert de waarneming waarop die berust en toetst of de waarneming klopt. Oké, als ik de deadline voor het artikel niet haal, word ik dan nooit meer gevraagd een stukje te schrijven? Nee? Mooi, dan kan ik de gedachte loslaten, als een vogel laten wegvliegen, zegt het werkboek. Maar zo gemakkelijk vliegt die gedachte niet weg.

‘Hoe helpen jullie je cliënten om iets los te laten?’, vroeg ik in een workshop voor psychosomatische fysiotherapeuten. De eerste suggestie was: laat de piekergedachte niet los, maar focus je er juist op. Concentreer je op het gevoel dat de gedachte oproept. Hoe meer je bij je gevoel bent, hoe makkelijker je de gedachte loslaat. En zo is het. Je gaat piekeren door een gevoel dat je dwarszit. De gedachten over wat je allemaal wel of niet zou moeten doen, zijn maar bijproducten. Begrijp je het gevoel, bijvoorbeeld de angst om niet meer gevraagd te worden, dan kun je er makkelijker afstand van nemen.

Doe iets nutteloos

Het volgende advies: maak het piekeren zo absurd dat je erom moet lachen. Eén therapeut heeft altijd kleine zakjes met rijst bij de hand. Als een cliënt een piekergedachte uit, gooit ze haar een zakje toe. Expres een beetje scheef zodat de cliënt moeite moet doen het zakje te vangen. ‘Knap hoor’, zegt ze dan. ‘Al die moeite die jij doet om een piekergedachte te vangen.’ Als dat een tweede keer gebeurt, laat de cliënt het wel om het zakje te vangen. Heb je geen therapeut bij de hand, dan kun je deze tactiek makkelijk zelf toepassen: doe iets nutteloos zodra je merkt dat je aan het piekeren bent. Poets iets dat al schoon is, ga afwassen terwijl je een afwasmachine hebt, strijk de kleren die je anders nooit strijkt. De gedachte alleen al aan dat soort onzin helpt je je gepieker te relativeren.

Derde tip: leg een springtouw op de grond in de vorm van een 8. De onderste cirkel van de acht is gesloten, de bovenste is open, de uiteinden van het touw raken elkaar daar niet. Concentreer je op de piekergedachte en ga eerst in de gesloten cirkel staan. Hoe voelt dat? Ga dan met dezelfde gedachte in je hoofd in de open cirkel staan. Waarschijnlijk voelt het in de open cirkel anders, alsof je meer vrijheid hebt. Dat zou weleens gunstig kunnen uitwerken op je piekergedachte.

Ik doe uiteindelijk wat ik altijd doe als ik aan het piekeren sla: een detective lezen. Bij voorkeur een van twintig jaar of meer geleden. Zo’n trage van P.D. James bijvoorbeeld. Daar val ik net niet bij in slaap. Het is zo weinig spannend dat ik moeite moet doen om me te concentreren. Maar kennelijk werkt het, op een gegeven moment zit ik erin, spreekt het tot mijn verbeelding en is het laatste waar ik mee bezig ben de offerte die nog geschreven moet worden. Het voordeel van de saaiheid van zo’n niet-pageturner is dat het genoeg ruimte geeft om uiteindelijk ook het lezen los te laten, en lekker te gaan zwemmen.

Carien Karsten

link naar oorspronkelijke blog op intermediair